Bureau Natuurbalans heeft de afgelopen jaren tal van reptielen-inventarisaties uitgevoerd: van eenvoudige karteringen tot uitgebreide populatieschattingen met bijbehorend habitatgebruik.
In Nederland komen vier soorten hagedissen en drie soorten slangen voor. Alle inheemse reptielen zijn beschermd en zijn doorgaans doelsoorten in het natuurbeheer. Bureau Natuurbalans werkt met verschillende methodieken om gerichte vragen over het voorkomen van reptielen te beantwoorden of om een bestaand natuurbeheer te evalueren en verbeteren.
Looproutes
Voor soorten die plaatselijk in hogere aantallen voorkomen, bijvoorbeeld de zand- en levendbarende hagedis, of soorten die vaak zonnen zoals de adder, worden vaak looproutes afgelegd. Hierbij zoeken we onder gunstige weersomstandigheden de meest geschikte delen van een terrein stelselmatig af op het voorkomen van reptielen. De bezoeken worden verspreid over het seizoen afgelegd. In het voorjaar ligt de nadruk op adulte dieren die zich in deze periode voortplanten, in de nazomer zijn daarnaast ook veel juveniele dieren aanwezig.
![]() |
Reptielenplaten Voor soorten met een verborgen levenswijze en een lage trefkans zoals hazelworm en gladde slang, worden naast looproutes ook speciale reptielenplaten in het veld uitgelegd. Deze platen blijven enkele weken tot maanden liggen en worden periodiek door waarnemers gecontroleerd. Soorten gebruiken deze platen vaak als schuilplaats, waardoor de trefkans aanzienlijk groter wordt. Combinatie |